Toen we in april 2024 acht zonnepanelen op het dak lieten leggen, was de rekensom simpel: alles wat we overdag terugleverden, mochten we ’s avonds weer van de meter afhalen. Dat heet salderen, en het stopt op 1 januari 2027.
Ik heb de cijfers van onze slimme meter van het afgelopen jaar erbij gepakt en uitgerekend wat er voor ons verandert. Spoiler: het is minder dramatisch dan de koppen in de krant, maar we moeten wel ons gedrag aanpassen.
Onze cijfers van 2025
| 2025 | |
|---|---|
| Opgewekt door de panelen | 2.870 kWh |
| Daarvan direct zelf gebruikt | 910 kWh (32%) |
| Teruggeleverd aan het net | 1.960 kWh |
| Van het net gehaald | 1.970 kWh |
| Totaal verbruik in huis | 2.880 kWh |
Met salderen strepen we de 1.960 kWh die we terugleveren weg tegen de 1.970 kWh die we van het net halen. Op papier hebben we vorig jaar dus maar 10 kWh stroom afgenomen. Dat is het mooie van salderen, en ook meteen het probleem: het verbergt hoe weinig van onze eigen stroom we echt zelf gebruiken.
Wat er vanaf 2027 verandert
Zonder salderen betalen we voor alle 1.970 kWh van het net de volle prijs. Voor de 1.960 kWh die we terugleveren, krijgen we een terugleververgoeding die veel lager is, en daar kunnen terugleverkosten nog vanaf gaan. Om het overzichtelijk te houden reken ik met € 0,268 per kWh, onze oude vaste prijs, en een vergoeding van € 0,05. De echte bedragen hangen af van je contract, en op ons dynamische contract verschillen ze per uur.
- Waarde van onze panelen met salderen: 2.870 × € 0,268 ≈ € 769 per jaar.
- Zonder salderen: 910 × € 0,268 + 1.960 × € 0,05 ≈ € 244 + € 98 = € 342 per jaar.
- Verschil: ruim € 400 per jaar, als we niets veranderen.
Dat is niet niks. Maar de panelen kostten € 4.150, en tot eind 2026 hebben we daar volgens mijn spreadsheet ongeveer de helft van terugverdiend. Met € 340 tot € 400 per jaar duurt de rest nog zo’n vijf tot zes jaar. Dan zijn ze in totaal na acht à negen jaar terugverdiend in plaats van na vijfenhalf. Nog steeds ruim binnen de levensduur van de panelen. Dat is het minder dramatische deel.
Wat ik nog moet uitzoeken: bij negatieve stroomprijzen kost terugleveren straks geld. Sommige omvormers kun je dan laten afschakelen. Of dat bij de onze kan, weet ik nog niet. Hoe de regeling precies afloopt, lees je bij de Rijksoverheid.
Wat we nu al anders doen
Elke kilowattuur die we straks zelf gebruiken in plaats van terugleveren, is ongeveer 22 cent waard. Ons doel is om van 32 naar zo’n 40 procent direct verbruik te gaan. Dat is ruim 200 kWh extra, en dat scheelt rond de € 50 per jaar.
- De wasmachine en vaatwasser draaien al vaak op de middag, met de uitgestelde start. Vanaf nu is dat de regel en niet de uitzondering.
- De droger, die we weinig gebruiken, gaat alleen nog aan als de zon schijnt.
- In de zomer koken we zoveel mogelijk vóór half zes, als de panelen nog leveren.
Daan stelde voor om dan ook overdag te gamen in plaats van ’s avonds. Een slimme jongen. We nemen het in overweging, zei Jeroen, wat bij ons thuis betekent: nee. Naar een thuisbatterij ga ik apart kijken, want die komt nu overal ter sprake.




