Vorige week zondag stond Lotte om half negen met een opschrijfboekje in de deuropening van de woonkamer. ‘Mam, op de wc brandt al twintig minuten licht en er zit niemand.’ Ze zette een streepje achter mijn naam. Het was het derde streepje die week, en ze waren alle drie van mij.
Lotte is zeven, over twee weken acht, en ze is de lampen-uit-politie van ons huis. Niemand heeft haar die functie gegeven. Ze heeft hem zelf genomen, ongeveer op het moment dat ik ophield met preken.
Wat niet werkte: regels en boetes
Toen ons termijnbedrag in oktober 2022 naar € 342 sprong, probeerde ik het eerst op de strenge manier: regels op de koelkast en tien cent boete voor elke lamp die onnodig brandde. Binnen een week ging het niet meer over energie, maar over wie wie had betrapt. Daan, toen acht, betaalde zijn boetes in stuivers en eiste bewijs. Jeroen kreeg de meeste streepjes en vond dat oneerlijk, want hij ging ‘alleen even iets pakken’.
Wat ik ervan leerde: kinderen willen best meedoen, maar niet als het voelt als straf. Ze willen zien dat het iets uitmaakt.
Een grafiek op de koelkast
Sinds oktober vorig jaar zit er een energiemonitor op onze slimme meter. Elke zondagavond leest Lotte het weektotaal af op mijn telefoon en kleurt ze een staafje in op een vel ruitjespapier op de koelkast. Daan tekende de assen, met een liniaal en veel gezucht. Een rode lijn laat zien wat we in dezelfde week vorig jaar gebruikten.
Die grafiek doet meer dan al mijn regels samen. In augustus, toen we op jacht gingen naar sluipverbruik, zakten de staafjes zichtbaar. Ons nachtverbruik ging van 140 naar 65 watt, en Lotte wilde precies weten welk apparaat wat had gedaan. Toen bleek dat de spelcomputer van Daan in de slaapstand dag en nacht ruim tien watt trok, zette hij hem voortaan uit zichzelf helemaal uit. Ik had het hem tien keer kunnen vragen. Nu zag hij het zelf.
De spaarpot: de helft is voor hen
Het tweede dat werkt, is een gezamenlijke pot. Aan het eind van de maand vergelijk ik ons verbruik met dezelfde maand vorig jaar. Wat we minder gebruikten, reken ik om met ons tarief van € 0,268 per kWh, en de helft gaat in een glazen pot op de vensterbank. Daar mogen de kinderen samen een uitje van kiezen.
Snel gaat het niet. Sinds we in maart op inductie koken, gebruiken we meer stroom en minder gas, dus in april en mei kwam er niets bij. Augustus was de eerste echt goede maand: 41 kWh minder dan vorig jaar, dus € 5,50 erbij. De pot staat nu op € 14,50. Lotte wil pannenkoeken eten in Hoog Soeren, Daan rekent nog uit of er iets beters te koop is.
Korter douchen, met één uitzondering
Douchen bleek het lastigst. Daan is elf en kan een kwartier onder de douche staan zonder het te merken. In juni kwamen er een spaardouchekop en een zandloper van vijf minuten. Lotte wint nog altijd van het zand. Daan ‘vergat’ de zandloper om te draaien.
Wat hielp, was een afspraak in plaats van een regel: door de week vijf minuten, maar op zaterdag na het voetballen zo lang als hij wil. En sinds hij twee weken geleden naar de brugklas ging, heeft hij ’s ochtends gewoon geen tijd meer voor lang douchen.
Mijn grootste les is dat ze kijken wat wij doen. Laat ik zelf het keukenlicht branden, dan hoef ik bij hen niet aan te komen met een verhaal. Jeroen vraagt bij elke nieuwe actie wat het oplevert. In kilowatturen weet ik dat niet precies. Maar twee kinderen die uit zichzelf het licht uitdoen en ‘deur dicht!’ roepen, dat vind ik al heel wat.




